Wednesday, September 20, 2006

VH-RBF (4): Reist Bijzonder Fijn

Hoe laat is het? We verliezen ons besef van tijd. (Het helpt ook niet dat deze tijdzone een HALF uur achter loopt op Sydney, of GMT +9u30min) Dat zal ons parten spelen als blijkt dat we elke dag later opstijgen en meer turbulentie tegenkomen. Ik vergeet de ‘departure time’ te noteren en we vertrouwen voor de vlucht-duur op de mechanische meter in het vliegtuig.

Na een stevig ontbijt zie ik een glimp van de red-tailed black cockatoo. Hij bestaat. Nergens anders ter wereld zie je deze vogels en op de zwarkte market zijn ze $5.000 waard, aldus Ian. Volgens de BBC komen ze voor in zwermen tot 1000 vogels, andere bronnen beweren dat er nog maar 1000 resten en de vogel met uitsterven bedreigd is... Hoedanook, we plannen de volgende etappe van onze trip, via de warmwaterbronnen van Dalhousie Springs. Omdat het een natuurreservaat is, betalen we Ian alvast $30 vooruit zodat straks ter plaatse de ranger ons niet hoeft lastig te vallen.

Stijn taxiet het vliegtuig dichterbij zodat we niet het hele eind opnieuw moeten lopen met de bagage. Intussen landt de postbode, ook met een Cessna. Hier komt de post amper twee keer per maand. Onze gastheer Ian is door het dolle want hij ontvangt een postzak en een doos. Hij lijkt wel een Australische kerstman.

Wanneer we willen opstijgen, blijkt het neuswiel te zijn vastgelopen in verdroogde modder. Stijn graaft en ik film, een goeie taakverdeling. Even later zijn we onderweg naar een navigatiepunt dat we manueel in de GPS invoerden. Omdat het niet heel precies is, weten we niet hoever de bestemming op het scherm afwijkt van de eigenlijke landingsbaan. Veiligheidshalve speur ik de horizon af en ik vind het baantje in de verte op negen uur, we waren het dus bijna voorbij.

Behalve tergend veel vliegen en een verzengende hitte is er hier niet veel aantrekkelijks, tenzij je graag zwemt in groen algenrijk water boven de veertig graden Celsius. Omdat we vandaag drie etappes vliegen, brandstof nodig hebben en zoveel mogelijk turbulentie willen vermijden, vliegen we na een korte wandeling verder richting Oodnadatta.

De visuele navigatie loopt feilloos naast de GPS en brengt ons pal voor het onooglijke stadje met een naam als een vloek. Na de landing vragen we via de radio om brandstof en transport. Al snel verschijnt een knalroze Volvo met een jonge Duitser om ons te helpen met al onze verzoekingen. Na het tanken rijdt hij voor en in de achteruitkijkspiegel zie ik Stijn volgen in de Cessna.




De rooie draad duurt voort: de Pink Roadhouse serveersters blijken niet Slavisch maar Duits. In de buurt cirkelt een valk maar de kap zit op het fototoestel en ik verwens mezelf. We blijven in de Roadhouse rondhangen voor een licht maal en na en een lekkere rooie Coopers en veel watertjes voor Stijn, zoeken we onze Cessna op voor de vlucht naar William Creek.


Meteen na de landing ben ik getuige van de waanzinnigste radiocommunicatie tussen twee taxiënde vliegtuigen. Pilote 1: “Romeo Bravo Foxtrot, backtracking. Can you tell us where the pub is?” Pilote 2: “Keep going Romeo Bravo Foxtrot. Second taxiway to your left.” Pilote 1: “Thank you sir. Have a good flight.”

Over and out.








(Klik op de foto beneden voor het hele album:)

0 Comments:

Post a Comment

Links to this post:

Create a Link

<< Home